Payday Loans

Zoek een boek



Mijn winkelwagen


De Groene Waterman. Een huis voor boeken, cultuur en ontmoeting

 
29 Juni 2016
Exit through the museum #7
Een tentoonstelling van een boek over een tentoonstelling

lee_kit

Deze zomer loopt in De Groene Waterman de vitrinetentoonstelling van het boek 'Never' over het werk van de Chinese kunstenaar Lee Kit. De winkel biedt het boek als museumstuk aan, niet als koopwaar. De tentoonstelling focust op de vorm van het boek eerder dan de inhoud. Niet de kunstenaar, Lee Kit, maar wel Kim Beirnaert, de grafisch ontwerper van het boek over de kunstenaar, staat in de spotlight. In de vitrine.

Kunsthistorica Katrien Van Haute schreef er een recensie over:

Momenteel loopt in het Gentse Stedelijk Museum voor Actuele Kunst (S.M.A.K.) de tentoonstelling ‘A small sound in your head’ van de Chinese kunstenaar Lee Kit (°1978). Kit arriveerde in Gent met een bescheiden bagage: enkele schilderijen en objecten, een aantal prints, een verzameling zinnen en woorden. Hij is een meester in het associëren. In zijn afgewogen installaties –hij spreekt liever over ‘situaties’– schikt hij beelden en woorden, kleuren en licht zo in de ruimte dat er een mijmerende atmosfeer ontstaat rondom een bepaalde emotie. Het zijn niet perse de grote theatrale emoties van het leven, maar eerder de dagdagelijkse gevoelens waarover Lee Kit zich verwondert. Omdat hij zijn kunst ook wil verbinden met de plaatselijke cultuur onderneemt hij steeds een zoektocht naar materialen, kleuren en objecten in de lokale Weba’s en Hubo’s. Theepotjes en ladekasten geven ritme en kleur aan de ruimtelijke composities; ze lijken betoverd en vergeten dat ze gebruiksobjecten zijn. Van de kunst van Lee Kit gaat een subtiliteit en een fragiele poëtische kracht uit. Zijn werk moet uiteraard in situ beleefd worden en laat zich niet zo eenvoudig capteren in foto’s.

unnamed_4

Dat ondervond ook de ontwerper Kim Beirnaert. Zij werd gevraagd om aan de hand van enkele mappen met foto’s (van wisselende kwaliteit) een heel boek te maken dat de lezer onderdompelt in de wereld van Lee Kit. Nooit eerder in haar carrière kreeg ze zoveel vrijheid, vertelde ze. Op haar vraag wat Lee Kit precies verwachtte van de publicatie, antwoordde hij: ‘maak een boek dat je zelf zou willen hebben’. Enkele e-mails en een ontmoeting later zag de kunstenaar een eerste dummy van het boek (Beirnaert maakte er in totaal drie) en uitte hij zijn enthousiasme op een typisch Aziatisch nederige wijze: ‘I’m afraid the book will be better than the exposition’. De vraag of het boek al dan niet beter is dan de tentoonstelling is eigenlijk niet aan de orde. Van een grafische ontwerper wordt ook helemaal niet verwacht om in competitie te gaan met het onderwerp. Wat Kim Beirnaert wel gedaan heeft –op meesterlijke wijze– is op haar manier, met de middelen waarover een grafisch ontwerper beschikt, een uitdrukking te geven aan het universum van Lee Kit. Pagina’s lang (242 om precies te zijn) gidst Kim de blik van de lezer doorheen de verschillende ‘situaties’ van Lee Kit. Wie goed kijkt, zal merken dat heel wat foto’s meerdere keren worden gebruikt in het boek. Net omdat de kunst van Kit zo moeilijk te fotograferen is, koos Beirnaert er voor om de foto’s niet enkel als totaalbeelden te tonen maar maakte uitsneden –vaak meerdere– van eenzelfde foto. Het afwisselende in- en uitzoomen vertraagt het ritme van het bladeren en vergroot de concentratie. De kunstenaar hield ontzettend van deze beeldenopeenvolging omdat er een zeker narratief door ontstaat, een narratief dat volgens hem in veel hedendaagse kunstenaarsboeken afwezig blijft.

unnamed_6

De ontwerper koos bovendien bewust voor diverse bladschikkingen. Soms zien we een object losgemaakt uit zijn context en ingelijst in een kadertje (p. 145) zodat het witte papier fungeert als de witte expositiewand. Dergelijke kadertjes kunnen ook net zo goed ‘staan’ op de onderzijde van de papierrand (pp. 62–63), zoals Lee Kit ook vaak schilderijen of andere objecten op te grond tegen de muur laat rusten (p. 53). Veel foto’s in het boek zijn aflopend en beslaan de hele dubbele pagina, maar soms worden ze abrupt afgesneden waardoor er links of rechts nog een witte rand overblijft (pp. 52–53). Ook hiermee verwijst Kim naar een typische ingreep van Lee Kit waarbij een wand het zicht gedeeltelijk belemmert of een strook van een geprojecteerd kleurvlak afsnijdt (p. 125). Op pagina 266 komt deze ontwerpstrategie nog nadrukkelijker op de voorgrond met middenin het blad een witte smalle strook over de hele lengte. Op de volgende bladzijde weerklinkt een echo van dit beeld, waarbij de witte marge vervangen is door een fysieke wand.

unnamed_2

De referenties bij Kim zijn doorgaans erg subtiel en wie ze niet opmerkt zal ze misschien toch onbewust ervaren. Iets nadrukkelijker komt de ontwerper van het boek in beeld wanneer er plots (op de dubbele pagina 132–133 en 206–207) twee witte bladzijden opduiken. Dat ze wel degelijk een rol spelen in het beeldverhaal (en er bijvoorbeeld niet zijn om een volgend boekdeel aan te duiden) blijkt uit het feit dat de paginanummering niet gepauzeerd wordt maar gewoon doorloopt. Lee Kit houdt van een dergelijke leegte die volgens hem essentieel is om een compositie in evenwicht te brengen.

Niet alleen kreeg Kim Beirnaert de volledige vrijheid als beeldeditor (wat op zich al uitzonderlijk is), ze trad ook op als teksteditor. Uit een hele lijst met quotes die Lee Kit haar toezond, selecteerde ze er uiteindelijk slechts twee: de eerste en de laatste (p. 139 en p. 224). In haar visie op dit boekontwerp, had het weinig zin om ze allemaal op te nemen.

unnamed_3

Binnen grafisch ontwerp neemt boekontwerp een aparte plaats in omdat het een driedimensionaal ontwerp is en dus neigt naar productdesign. Bijgevolg strekt de taak van de ontwerper verder dan uitsluitend het schikken van grafische elementen of de keuze van een lettertype. Idealiter gaat er aan elk boekontwerp een materialenstudie vooraf, wat Kim Beirnaert ook deed voor deze opdracht. Het resultaat is een bijzonder aantrekkelijk boek op zakformaat (buitenformaat 215 x 141; een tikkeltje kleiner en een beetje smaller dan A5) dat er behoorlijk lijvig uit ziet (277 pagina’s) maar verassend licht aanvoelt doordat het papier is opgedikt (papier is 115 gram met een opdikking van maar liefst 1.8). Voor veel mensen zal dit boek aangenaam in de hand liggen en misschien zelfs vertrouwd overkomen. Voor haar materiaalkeuzes (formaat, papier, omvang, rug en band) had Kim Beirnaert immers Koken voor elke dag (1981) van de Katholieke Arbeiders Vereniging (KAV) in gedachten. Weinigen zullen de link direct leggen met dit populaire kookboek van weleer, maar voor de ontwerper was het een belangrijke houvast om Lee Kits sfeer van dagelijkse huiselijkheid met een boek te kunnen oproepen. Haar beslissing om een kookboek als voorbeeld te nemen –dé moeder van alle Vlaamse kookboeken volgens de ontwerper– strookt bovendien helemaal met de werkwijze van Lee Kit. Op een subtiele wijze zit dit boek namelijk verankerd in het Vlaamse collectieve geheugen van een hele generatie.

unnamed_8

Naarmate het boek zal verouderen, zal het nog meer op het iconische kookboek gaan lijken: het glanzende oppervlak van de gelamineerde boekband zal dezelfde wolkachtige slijtage vertonen en de rug die enkel bestaat uit ‘ruggebord van de rol’ en geen kapitaalbandje heeft, zal spoedig kraken, net zoals het bewuste kookboek. Voor het boekblok ontleende Kim Beirnaert de aloude gewoonte om met twee soorten papier te werken: een matte en een glanzende. Het glanzende papier wordt vanouds gebruikt om afbeeldingen te drukken aangezien de strijklaag een rijker contrast en een scherpere druk oplevert. Kim Beirnaert experimenteerde in dit boek met die afwisseling van mat en glanzend. Ze liet een aantal katernen in het boek omwikkelen met een glanzend papier waardoor er op sommige plaatsen in het boek een subtiel verschil ontstaat tussen de linker en rechter bladzijde. De kleuren en de lichtinval zijn dan lichtjes anders waardoor het bij sommige foto’s zelfs niet duidelijk is of het wel om één en dezelfde foto gaat (pp. 148-149).

unnamed

Wat de typografie betreft, koos de ontwerper er voor om zo weinig mogelijk te veranderen aan de teksten zoals de auteurs ze hadden opgemaakt (ik vermoed in Word). Zelf zou ze bijvoorbeeld niet zo snel een puntje na een cijfer plaatsen (pp. 8–9), maar omdat iedereen het blijkbaar zo gewoon is, neemt ze het toch graag over zodat de typografie er zo dagdagelijks mogelijk kan uitzien. Het lettertype Sabon (1966) van Jan Tschichold past perfect in deze opzet. Hoewel het lettertype niet bepaald een ‘hype’ is vandaag (het zit dan ook niet standaard in het Microsoft Office pakket), heeft het sinds de jaren 1970 een onverwoestbare reputatie als klassieke leesletter. Een echte broodletter is het: een degelijk lettertype voor alledaags gebruik.

unnamed_1

Vooraan op het boek prijkt de naam van Lee Kit in diezelfde bescheiden Sabon in een lettercorps nauwelijks groter dan in het binnenwerk. De letters zijn gedrukt met lichtgele uv inkt. De keuze van de ontwerper om een glanzend oppervlak te bedrukken met een lichtgevoelige inkt maakt het beeld op de cover nog fragieler en immateriëler. De gele letters –zo vertrouwde Kim me toe– deden haar overigens ook denken aan de typische gele ondertitels van de Chinese films waar ze zo graag naar kijkt de laatste tijd.

Kim_KIt_Katrien

In de loop van het ontwerpproces werd al snel duidelijk dat het boek veel autonomer zou worden dan een klassieke tentoonstellingscatalogus. Daarom gaf Lee Kit er een andere titel aan: ‘Never’. Dit boekontwerp is een autonoom spel waarvan de spelregels door de kunst van Lee Kit zijn bepaald. Noem Kim Beirnaert gerust de co-auteur van dit boek, of noem haar ‘designer as translator’ of ‘designer as editor’. Dat is ze natuurlijk allemaal en daarom is ze grafisch ontwerper.

lee_kit


 
Openingsuren
van maandag t.e.m. zaterdag
van 9u30 tot 18u.
De Groene Waterman
Wolstraat 7 - Antwerpen
Tel. 03/232.93.94
 

algemene verkoopsvoorwaarden